Zoom out
Zoom in
Vorherige Seite
1/15
Nächste Seite
I
7,
,
1*1./,
'
H
I I
©
Installations- und Gebrauchsanweïsung
2-teilige
Klimaanlage
@> 06r|YÏ« EYKCXTaoTaoriq Kaï
XPHon^
KAi|jaTiOTUcó
2
TUHUÓCTCÜV
(SD Handleiding voor de installatie en de bediening
2-delige
airconditioning
@> Instrugöes
de
instaiagao
e
utilizagao
Ar condicionado bipartido
@ Montaj
ve
Kullanim Talimati
2
Pargali Klima
Sistemi
SAC9010QC
SAC12010QC
1

Brauchen Sie Hilfe? Stellen Sie Ihre Frage.

Forenregeln

Inhalt der Seiten


  • Page 1

    I 7,

    ,

    I

    1*1./,

    ' H

    I

    © Installations- und Gebrauchsanweïsung
    2-teilige Klimaanlage
    @>

    06r|YÏ« EYKCXTaoTaoriq Kaï XPHon^
    KAi|jaTiOTUcó 2 TUHUÓCTCÜV

    (SD Handleiding voor de installatie en de bediening
    2-delige airconditioning
    @> Instrugöes de instaiagao e utilizagao
    Ar condicionado bipartido
    @ Montaj ve Kullanim Talimati
    2 Pargali Klima Sistemi

    SAC9010QC
    SAC12010QC



  • Page 2

    I
    Opgelet: Controleer voor de installatie of het toebehoren volledig is.

    Nr.

    Benaming

    Afbeelding

    Hoeveelheid

    Muurhouder

    Afstandsbediening

    GSM

    Plaatschroeven

    10

    Uitgaande
    ontwateringsleiding
    Kunststof

    Rubberdichting
    llll

    Omwikkelingsband

    II It III II tilt

    I ,/•

    OD

    Ontwateringsafvoer voor
    buitenapparaat

    Houder voor
    afstandsbediening

    Schroeven en pluggen voor
    de montage van de
    bevestlgingsplaat

    10

    Afsluiting voor de
    wanddoorvoering

    11

    Kabelbinder

    12

    Houder voor luchtfilter en
    actieve koolfilter

    =my

    anmn^abZb^O

    33



  • Page 3

    llnstallatietekenin^
    BINNENEENHEID

    1
    2
    3
    4
    5
    6
    7
    8
    9
    10
    11
    12
    13

    Afdekking
    Filter
    Auto/Stop-toets
    Display
    Wijzer windrichting
    Stroomstekker
    Ontwateringslelding
    Luchtuitvoerrooster
    Afstandsbediening
    Draaggreep
    Luchtinlaat
    Luchtultlaat
    Verblndingsbulzen en stuurleiding voor binnen- en
    buitenapparaat

    Betekenis van de symbolen
    T Temperatuur
    H Verwarmen
    E Ontvochtiglng
    K Koelen
    B Bedrijfsindlcator

    AUBENEINHEIT

    IR-E Infrarood ontvanger

    ^ ^

    Let erop dat er voldoende vrije ruimte is voor het onderhoud en de reinigingl
    De luchtinlaat en de luchtultlaat moeten vrij toegankelijk zijn, zodat de lucht zich ongehinderd In de hele ruimte kan verdelen.
    Installeer de eenheid ver weg van warmtebronnen, damp of ontvlambare gassen.
    Gelieve erop te letten dat de stuurleiding, de afvoer van het condenswater en de bulsverbinding naar het buitenapparaat probleemloos kan gebeuren.
    Opgelet: De wand waarop het apparaat gemonteerd wordt, moet voldoende stabiel zijn zodat het gewicht van de binneneenheid gedragen kan worden en de bedrijfsgeluiden
    of trillingen niet versterkt worden.
    Om veiligheidsredenen moet de montagehoogte gemeten tot de vloer minstens 2,30m bedragen!
    Om elektromagnetische storingen te vermijden, plaatst u de binneneenheid op een voldoende afstand (1 m) van elektrische huishoudtoestellen, zoals een TV of een stereoinstallatie.
    Opgelet: Installeer de eenheid niet In de onmiddellijke buurt van een badkuip, een douche of een zwembad!
    Opgelet: Voor de scheiding van het stroomnet moet de stekker na bevestiging van de eenheid toegankelijk zijn.
    Opgelet: Het maximumhoogteverschil tussen het buitenapparaat en het binnenapparaat mag niet meer dan 5 m bedragen!
    Afstand tussen
    eenheid en plafond

    •_

    Afstand tussen
    eenheid en plafond

    </^>

    Wanddoorvoenng

    Afstand tussen
    eenheid en wand

    Band voor het
    omwikkelen (1 rol)

    Luchtultlaat
    Afstand tussen
    eenheid en vloer

    34



  • Page 4

    INSTALLATIE VAN DE MONTAGEPLAAT (WANDHALTERING)
    • Let erop dat er voldoende vrije ruimte is voor de montagel
    • De montageplaat moet met behulp van een waterpas uitgericht worden.
    Opgelet: Als de opening voor de condensatiewaterslang zich aan de linkerkant bevindt, deze kant minimaal lager
    instellen.
    • Markeer de twee boorgaten met een stift.
    • Opgelet: Let er bij het boren van de openingen op dat geen elektrische leidingen, gas- of waterleidingen
    beschadigd worden!
    • Bevestig de montageplaat met pluggen en schroeven aan de wand.
    • Controleer de stevigheid van de montageplaat. Als u bij slecht metselwerk geen voldoende steun kunt vinden, zijn in
    de montageplaat nog meer openingen voorhanden.

    I

    7~

    |m^aHatie|bipp§naRD9ti

    %j°~~~~n

    ° sd f B 0
    •r

    •1!

    =

    5T$ J-, ( ^ | ° (];[]

    -J,.

    =

    =

    n

    j, ^ B loe "™'J
    =
    1
    I'll- il

    "f

    rl

    1 K

    Wcs;

    c}D80

    dp80
    Rechteropening
    voor leiding

    Linkeropening
    voor leiding

    BOREN VAN DE WANDDOORVOEROPENINGEN



    De wanddoorvoeropening moet vlak achter het apparaat liggen. Let er bij het boren van de openingen voor de
    stuurleiding en de buisleidlngen dus op dat de behuizing de boorgaten afdekt!
    U moet tercontrole het apparaat voor het boren van de doorvoeropeningen voor de gemarkeerde boorgaten houden.



    Opgelet: Let er bij het boren van de openingen op dat geen elektrische leidingen, gas- of waterleidingen
    beschadigd worden!



    Als ze niet afgedekt kunnen worden, kunt u de verbindingsbuizen naar links of naar rechts uit het apparaat leiden. De
    uitsparingen in de behuizing voor het verleggen van de leidingen kunnen overeenkomstig uitgebroken worden.
    Gelieve bij het uitbreken van de behulzingsdelen voorzichtig te zijn. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor
    lichtzinnig veroorzaakte schadel
    Met behulp van de afsluiting voor de wanddoorvoering kan het gat zuiver afgedekt worden.




    (1) Achterste leiding *

    (2) Achterste leiding rechts

    (a)

    (3) Linker leiding
    (4) Achterste leiding links

    Zijaanzicht
    Achterwand

    \
    Het binnenapparaat hoeft later enkel nog aan de montageplaat opgehangen te worden.
    Gelieve de steun te controlerenl

    H0==.° =
    J

    _ ^ Uitsparing 1 (3)
    I

    -

    Uitsparing 1 (2)
    Ir

    ^~~- Uitsparing 1 (1)
    (c)

    INSTALLATIE VAN DE ONTWATERINGSLEIDING (CONDENSWATERAFVOER)





    Opgelet: De ontwateringsleiding moet schuin naar onderen gelegd worden om de afvoer van het afvalwater goed
    mogelijk te maken.
    Let erop dat de slang niet geknikt of verdraaid is en dat ze niet stijgt! Laat het uiteinde niet in het water hangen (zie
    afbeelding).
    De langere slang voor de binneneenheid moet met een geluidslsolerend materiaal omgeven zijn.
    Opgelet: De temperatuur van de koelwaterkring kan zeer hoog worden. Let erop dat de afvoer van het condenswater
    ver van de koelkringloop gehouden wordt.

    Niet knikken

    Niet verdraaien

    \

    X

    J ^
    X

    Niet in het water laten liggen

    Installatie buitenapparaat
    KEUZE VAN DE INSTALLATIEPLAATS
    • Bij de keuze van de installatieplaats moet u rekening houden met een mogelijke
    Afmetingen voor het installeren:
    geluidslast voor de buren. Gebruik indien nodig overeenkomstige rubberen
    dempers!
    . • Opgelet: Bij de wandmontage moet de console voor het nominale gewicht (zie
    Afstand tot de afdekking
    technische gegevens) geschikt zijn!
    (50 cm of meer)
    • 'Levensgevaar! Het apparaat goed vastschroeven aub!
    • De buiteneenheid moet op een effen, stabiel oppervlak staan, zodat gelulden en
    trillingen vermeden worden.
    • Let erop dat de luchtinlaat- en de luchtuitlaatopeningen niet geblokkeerd
    worden!
    • Let erop dat wild groeiende struiken de luchttoevoer niet blokkeren.
    • ln streken met sterke wind is het nodig om te verhinderen dat de wind direct in de
    airconditioning blaast.
    • Daar waar sterke wind heerst, moet u de eenheid In de richting naar de muur
    installeren en een leidplaat aanbrengen, zodat gewaarborgd is dat de ventilator
    normaal loopt.
    • Installeer een buiteneenheid niet in gesloten ruimten. De installatie moet op een
    plaats met een goede verluchting gebeuren.
    • Opgelet: Installeer het apparaat ver van ontvlambare voorwerpen en niet in de
    buurt van brandbare gassen of van apparaten die uitlaatgassen produceren.
    Kant van de luchtuitlaat (200cm of meer)
    • Installeer het apparaat niet naast warmtebronnen en indien mogelijk niet op
    plaatsen waar de zonnestraling direct op het apparaat valt.
    • Gevaar! Breng niets in de airconditioning inl
    35

    Pagina van de
    luchtinlaat
    (30 cm of
    meer)

    (50 cm of
    meer)



  • Page 5

    Installatie buitenapp
    ONTWATERING VAN HET CONDENSAAT VAN DE BUITENEENHEID



    Het condenswater dat bij het opwarmen geproduceerd wordt door de buiteneenheid, het water dat ontstaat tijdens
    regen of het ontdooien van sneeuw, moet via een afwateringsslang afgevoerd wordenl
    Opgelet; We aanvaarden geen aansprakelijkheid voor ontstane schade (bv aan gevels) door condens-, regen- of
    dooiwater uit de airconditioning

    Installatieprocedure:
    Breng de ontwatenngsuitlaat aan in de opening (25 mm doormeter) van de behuizing, zoals op de afbeelding getoond
    wordt Verbind daarna de ontwateringsslang met de uitlaat om het condens-, regen- en dooiwater in een geschikte afvoer
    te lelden

    Behuizing van de
    buiteneenheid
    Ontwatenngsuitlaat van
    de buiteneenheid

    Elektrische instal
    VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
    • Opgelet: De elektrische installatie mag enkel door een elektrische vakman gebeuren1
    • Opgelet: Gelieve voor het eerste gebruik te controleren of het stroomtype en de netspanning overeenstemmen met de gegevens op het typeplaatje van het apparaat (Zie ook
    Technische gegevens)
    • Het apparaat moet volgens de geldende nationale aansluitvoorschriften geïnstalleerd worden
    • Voer de bekabeling aan het apparaat uit zoals op het schakelplan getoond wordt1
    • Er moet een verliesstroomschakelaar en een zekering met voldoende capaciteit (20A) geïnstalleerd worden
    • De stroomtoevoer moet indien mogelijk vrij zijn van spanningsschommeltngen
    • De stroomgegevens van de aansluitleidmg moeten toereikend zijn'
    • BIJ gebruik van verlengkabels, moeten deze geschikt zijn voor het overeenkomstige vermogen en de omgevingsvoorwaarden Vraag info aan uw elektncieni
    • Verbind het apparaat niet met zwak gebouwde verdelerdozen
    • Sluit het apparaat niet met andere elektrische apparaten op dezelfde stroomkring aan om een overbelasting van de stroomkring te vermijden
    • In geval van nood moeten de apparaten onmiddellijk van de stroomtoevoer gescheiden worden Daarna het apparaat door een gekwalificeerde vakman laten controleren
    voordat het opnieuw gebruikt wordt
    • Opgelet' De apparaten staan onder stroom zolang ze op het stroomnet aangesloten zijn Uitschakelen met de afstandsbediening volstaat met om het apparaat spanmngsvnj te
    maken
    • Opgelet: Voor de scheiding van het stroomnet moet de stekker toegankelijk zijn
    • Alle kabels en stuurleidingen uit de buurt houden van scherpe kanten, warme voorwerpen en open vlammen Beschadigingen door verdrukking of knikken moeten eveneens
    vermeden worden
    • Controleer geregeld de stroom- en stuurleidingen
    • Opgelet: Als de aansluitleiding of de stuurleiding van dit apparaat beschadigd is, moet deze door de fabrikant, zijn klantendienst of door een gelijkaardig gekwalificeerde
    persoon vervangen worden om alle gevaar te vermijden
    • Nooit aan de kabel of aan de stuurleldingen trekken
    • Alle leidingen zodanig leggen dat men er niet ongewild aan kan trekken of erover kan struikelen
    • Schakel het apparaat eerst uit voordat u de stroomstekker uittrekt of de stroomtoevoer onderbreekt Trek de netstekker bij een normale functie met uit terwijl het apparaat in
    bedrijf is Brandgevaar door daarbij ontstane vonkeni
    • Als het apparaat voor langere tijd niet gebruikt wordt, de stroomtoevoer afsluiten
    • Om schade aan de apparaten door blikseminslag te vermijden, de stroomtoevoer onderbreken bij onweer
    • Plaats geen voorwerpen op het buitenapparaat of op de stroomkabel
    • Voor u de behuizing opent, altijd eerst de stroomtoevoer onderbreken
    • Deze airconditioning is een elektrisch apparaat van beschermklasse I en moet op een betrouwbaar geaard stopcontact aangesloten worden
    • De aardleiding mag niet ongeoorloofd op een waterleiding, een gasleiding of andere ongeschikte voorwerpen aangesloten worden

    (=) Dit Is het aardmgssymbool dat aangeeft dat hier uitsluitend de tweekleurige, geel-groene draad aangesloten mag worden
    • Gelieve na de elektrische installatie de kabels zoals de stroomkabel, de aansluitdraden en de signaalkabel, met een beugel te bevestigen Zorg ervoor dat de aders voldoende
    afstand tot andere aansluitingen hebben
    • Trek de bevestigingsschroeven vast Bij een defect moeten de schroeven vervangen worden Smjschroeven mogen niet voor de elektrische verbinding gebruikt worden
    INSTALLATIE VAN DE BINNENEENHEID.
    De stroomtoevoer voor het blnnenapparaat gebeurt door de aansluiting aan een geschikt stopcontact (AC 230-240V, 50Hz)
    Zie technische gegevens op het typeplaatje

    INSTALLATIE VAN HET BUITENAPPARAAT
    De stroomtoevoer van het buitenapparaat gebeurt via de aansluiting op het blnnenapparaat
    Opgelet: De kabels mogen niet aan trek- of drukkrachten blootgesteld worden Beveilig de kabels door een toereikende trekontlasting De elektrische aansluitbox op het
    buitenapparaat moetgesloten worden om het binnendringen van stof en vochtigheid te verhinderen

    36



  • Page 6

    nstallatie van de snelkoppelaar
    e installatie van de sneikoppelaar moet door een gekwalificeerde persoon uitgevoerd worden

    Werkwijze

    Afbeelding

    1. Verwijder de met de pijl gemarkeerde schroef.

    2

    Druk bij het afnemen de afdekking naar beneden

    3

    Los de spanner aan de snelkoppelaar
    (stekker)

    Spanner

    Geleidingsstlft

    y

    Druk de haltering voor de spanner naar beneden, in
    de richting van de pijl

    •it
    Houder voor de spanner

    Leid de snelkoppelaar (stekker) In de bus door de
    stift juist mee in te brengen Zet de houder voor de
    spanner terug op zijn plaats
    Aanwijzing: De geleidmgsstift moet ach onderaan
    bevinden.

    mt

    Vouw de spanner om en druk deze tot de aanslag.
    Aanwijzing: Het is moeilijk om de spanner tot aan
    de aanslag te drukken als de houder voor de
    spanner niet juist ingezet werd.
    ' Spanner
    Opgelet' De
    beschermleider moet
    door middel van de
    schroef en de
    onderlegnng aan de
    behuizing bevestigd
    worden om een
    behoorlijke aarding van
    het buitenapparaat te
    waarborgen1

    7. Verbind de' kabel met de aansluitklem
    Breng de beugel aan om de verbinding te
    bevestigen.

    Aansluitklem

    8

    Kabelbeugel

    Breng de afdekking terug aan

    37



  • Page 7

    NA DE INSTALLATIE TE CONTROLEREN:

    Te controleren

    Mogelijk optredend probleem

    Is alles vast genoeg geïnstalleerd?

    De eenheid kan vallen, trillen of kan geluiden produceren.
    Dit kan tot een slechte koel- of verwarmingsprestatie of tot schade aan de muut

    Werd de dichtheidscontrole uitgevoerd?

    leiden.

    Is de warmte-isolatie toereikend?

    Er kan zich condenswater vormen.

    Loopt de ontwatering geleidelijk afwaarts?

    Er kan zich condenswater ophopen.

    Stemt uw netspanning overeen met de gegevens op het typeplaatje?

    Gevaar van een elektrische schokl
    Er kunnen storingen of defecten aan de modules optreden.
    Gevaar van een elektrische schok!

    Is de installatie van de bedrading en van de leidingen correct?

    Er kunnen storingen of defecten aan de modules optreden.

    Is de luchtinlaat of de luchtuitlaat van de binnen- of de buiteneenheid geblokkeerd?

    Dit kan tot een slechte koel- of verwarmingsprestatie leiden.

    HERINSCHAKELINGSBEVEILIGING




    Aanwijzing: Onder de volgende omstandigheden activeert de velllgheidsinrichting de airconditioning en zorgt ervoor dat de eenheid met 3 tot 4 minuten vertraging begint met
    het koelen, verwarmen of ontvochtigen.
    De eenheid wordt uitgeschakeld en meteen weer ingeschakeld.
    Er wordt een instelknop van de eenheid bediend.
    Als het apparaat vlak na het uitschakelen weer in bedrijf genomen wordt, dan begint de compressor met een vertraging van 3 tot 4 minuten met het koelen, verwarmen of
    ontvochtigen. Schakel het apparaat daarom niet onnodig vaak In en uit. Dit kan op den duur tot storingen leiden.

    Gebruiksvoorwaarden
    De airconditioning kan onder de volgende omstandigheden ingezet worden:
    KOELEN:


    Buitentemperatuur: min: +21 graden

    max: +43 graden

    VERWARMEN:


    Buitentemperatuur: min: -5 graden

    max: +25 graden

    Opgelet: De bovenstaande waarden kunnen op grond van de luchtvochtigheid schommelenl

    |^g0|-|ïg|j|»|gp^||™0|^g^gj|
    BENAMINGEN EN FUNCTIES VAN DE KNOPPEN OP DE AFSTANDSBEDIENING

    Toets OSCILLATIE
    Als deze toets ingedrukt
    werd, oscilleert de
    ventilatie-uitlaat
    automatisch tot de toets
    nogmaals ingedrukt wordt.

    Toets TEMPERATUUR
    Ais de toets een keer
    Ingedrukt wordt, wordt de
    temperatuur met 1°C
    verhoogd. Het indrukken
    van de toets - zorgt voor
    een
    temperatuurvermindering
    van 1 °C.
    In de bedrijfsmodus
    KOELEN,
    ONTVOCHTIGEN,
    VENTILATOR en
    VERWARMEN kan een
    temperatuur van 16DC tot
    30°C ingesteld wordenToets BEDRIJFSMODUS
    Druk deze toets in om de
    bedrijfsmodus in de
    volgende volgorde te
    veranderen:

    Toets verluchting
    Druk op deze toets
    Ventilator om de
    ventilatorsnelheid als volgt
    te veranderen:

    AUTO FAH^g £_$_

    m*e
    m ~J °C w a
    >Z£J

    é

    SWING HUWO UGWT SAVE

    !©„*

    5.5,

    I—^rf—•





    ^A-

    AUTO AUTOMATISCH
    „ |||

    bedrijfsmodus KOELEN

    » \y

    bedrijfsmodusONTVOCHTIGEN

    - S$ bedrijfsmodus VENTILATOR
    " O

    f

    bedrijfsmodus VERWARMEN

    Toets AAN/UIT (1/0 bij enkele
    modellen)
    Druk deze toets in om de
    eenheid in- of uit te schakelen.

    'AUTO-*@-*iy-|

    CA
    #*-0<

    AANWIJZING:
    • Het signaal van de afstandsbediening heeft een reikwijdte tot 10 m.

    1

    38

    Zorg ervoor dat er geen hindernis in d e weg staat.
    Laat de afstandsbediening niet vallen.
    Stel de afstandsbediening niet bloot aan rechtstreekse zonnestraling.



  • Page 8


    BENAMING EN FUNCTIE VAN DE KNOPPEN VOOR DE AFSTANDSBEDIENING (GEOPEND DEKSEL)
    LCD-scherm
    Hier wordt alle informatie
    weergegeven.

    Toets SLAPEN
    Druk deze toets in om de
    bedrijfsmodus SLAPEN te
    selecteren.

    Toets TIMER UITSCHAKELEN Druk tijdens
    het bedrijf op deze toets om
    een tijd van 0,5 tot 24 uur in te
    stellen waarna de eenheid
    automatisch uitschakelt.

    Toets TIMER - INSCHAKELEN
    Druk deze toets in tijdens de
    stop om een tijd van 0,5 tot 24
    uur in te stellen waarna de
    eenheid automatisch
    inschakelt.

    GEBRUIK VAN DE BEDRIJFSMODUS KOELEN

    4. Druk de toets ventilator In
    om de luchtsnelheid in te
    stellen.
    3. Druk op de toets
    OSCILLATIE. De ventilatiegleuf
    beweegt automatisch heen en
    weer tot de toets nogmaals
    ingedrukt wordt

    De microprocessor regelt de koeling volgens het verschil tussen de
    kamertemperatuur en de ingestelde temperatuur.
    Is de kamertemperatuur hoger dan de ingestelde temperatuur, dan
    werkt de compressor in de bedrijfsmodus KOELEN.
    Is de kamertemperatuur lager dan de ingestelde temperatuur, dan
    stopt de compressor en werkt enkel de ventilator.
    De temperatuur kan van 16°C tot 30°C ingesteld worden.

    5. Druk op de toets
    TEMPERATUUR en stel de
    gewenste temperatuur in.

    2. Druk op de toets voor de
    selectie van de
    bedrijfsmodus en stel de
    bedrijfsmodus o in.

    1. Steek ze in en druk op de
    toets AAN/UIT (bij enkele
    modellen wordt 1/0 gebruikt).
    De airconditioning staat nu

    GEBRUIK VAN DE BEDRIJFSMODUS VERWARMEN

    3. Druk op de toets
    OSCILLATIE.
    De ventilatiegleuf beweegt
    automatisch heen en weer tot
    de toets nogmaals ingedrukt
    wordt.
    4. Druk op de toets Ventilator
    om de ventilatorsnelheid in te
    stellen.

    Is de kamertemperatuur lager dan de ingestelde temperatuur, dan
    werkt de compressor in de bedrijfsmodus VERWARMEN.
    Is de kamertemperatuur hoger dan de ingestelde temperatuur, dan
    stoppen de compressoren en de ventilator van de buiteneenheid en
    werkt enkel de ventilator van de binneneenheid.
    De temperatuur kan van 16°C tot 30°C ingesteld worden.

    5. Druk op de toets
    TEMPERATUUR en stel de
    gewenste temperatuur in.

    1. Steek ze in en druk op de
    toets AAN/UIT (bij enkele
    modellen wordt 1/0 gebruikt).
    De airconditioning staat nu

    2. Druk op de toets voor de
    selectie van de bedrijfsmodus
    en stel de bedrijfsmodus © in.

    39



  • Page 9

    GEBRUIK VAN DE BEDRIJFSMODUS ONTVOCHTIGEN

    3. Druk op de toets
    OSCILLATIE. De
    ventilatiegleuf beweegt
    automatisch heen en weer tot
    de toets nogmaals Ingedrukt
    wordt.

    Is de kamertemperatuur lager dan de ingestelde temperatuur, dan
    stopt de compressor en werkt enkel de ventilator van de binnen- en
    buiteneenheid. Is de kamertemperatuur ± 2°C van de ingestelde
    temperatuur,

    dan

    ontvochtigt

    de

    airconditioning.

    Is

    de

    kamertemperatuur hoger dan de ingestelde temperatuur, dan wordt de
    modus KOELEN geactiveerd.
    De temperatuur kan van 16°C tot 30°C ingesteld worden.
    4. Druk op de toets
    TEMPERATUUR en stel de
    gewenste temperatuur in.

    2. Druk op de toets voor de
    selectie van de bedrijfsmodus
    en stel de bedrijfsmodus m in

    1. Steek ze in en druk op de
    toets AAN/UIT (bij enkele
    modellen wordt 1/0 gebruikt).
    De airconditioning staat nu
    aan.

    GEBRUIK VAN DE BEDRIJFSMODUS AUTOMATISCH

    CD

    IZD

    SWIHG

    FAN

    AUTO FAN

    OFÖ.

    AUTO

    in de bedrijfsmodus AUTOMATISCH is een standaardtemperatuur van
    25°C voor het KOELEN en 20°C voor het VERWARMEN voortngesteld.

    SWÏM1



    © •

    BtEEP

    O ©

    O

    LIQHT

    aa

    D O
    1. Steek ze in en druk op de toets
    AAN/UIT (bij enkele modellen wordt 1/0
    gebruikt). De airconditioning staat nu

    2. Volgens de kamertemperatuur wordt
    door de microprocessor automatisch de
    juiste bedrijfsmodus ^ - Q - ÉT
    geselecteerd om het beste effect te
    verkrijgen.

    GEBRUIK VAN DE BEDRIJFSMODUS TIMER

    CD

    CD

    SWING

    FAN

    AUTO FAN

    m

    cc
    Sfl'JiQ

    Ö"SS

    - J HS.,

    SLEEP

    o © o
    LIGHT

    ÜQOO

    Druk op de toets TIMER IN
    terwijl de eenheid
    uitgeschakeld fs. Stel de
    inschakeltijd van de TIMER van
    0,5 tot 24 uur in. De eenheid
    schakelt na het bereiken van
    deze tijd automatisch in.

    Druk tijdens het bedrijf op de
    toets TIMER UIT. Stel de
    uitschakeltijd van de TIMER
    van 0,5 tot 24 uur in. De
    eenheid stopt na het bereiken
    van deze tijd automatisch.

    40



  • Page 10

    GEBRUIK VAN DE BEDRIJFSMODUS SLAPEN

    4. Druk op de toets Ventilator,
    om de ventilatorsnelheid in te
    stellen.
    3, Druk op de toets
    OSCILLATIE.
    De ventilatiegleuf beweegt
    automatisch heen en weer tot
    de toets nogmaals ingedrukt
    wordt.

    CD

    €D

    Als de eenheid tijdens de bedrijfsmodus SLAPEN koelt of ontvochtigt,
    stijgt de ingestelde temperatuur 1 °C na een uur en 2°G na 2 uur.
    Als de eenheid tijdens de bedrijfsmodus SLAPEN verwarmt, daalt de

    6. Druk op de toets SLAPEN
    om de bedrijfsmodus SLAPEN
    te activeren.

    ingestelde temperatuur 1°C na een uur en 2°C na 2 uur.

    c

    ?s°

    5. Druk op de toets
    TEMPERATUUR en stel de
    gewenste temperatuur in.

    2. Druk op de toets voor de
    selectie van de bedrijfsmodus
    om $ w O in te stellen.

    oooa
    manmttt,.
    1. Steek ze in en druk op e
    toets AAN/UIT. De
    airconditioning staat nu aan.

    HET PLAATSEN VAN DE BATTERIJEN

    Verwijder d e afdekking aan de achterzijde
    van de afstandsbediening.
    Breng 2 batterijen (2 AAA droge celbatterijen)
    aan en druk op de toets „ACL".
    Breng de afdekking aan.

    AANWIJZING:

    Meng geen nieuwe en gebruikte batterijen
    of batterijen van verschillende types met elkaar.


    2. Plaats de batterijen.

    Verwijder de batterijen als de afstandsbediening
    voor langere tijd niet gebruikt wordt.

    1. Verwijder de afdekking.
    2. Plaats de batterijen.
    3. Breng de afdekking aan.

    ep

    f
    OPEN-v

    1. Verwijder de afdekking
    3. Breng de afdekking terug aan

    41



  • Page 11

    Waarschuwing
    • Schakel de eenheid uit en trek de stekker uit voor u de airconditioning reinigt, want anders zou u een elektrische schok kunnen oplopen.
    • Laat de eenheid niet nat worden, om elektrische schokken te vermijden. Zorg ervoor dat de eenheid onder geen enkele omstandigheid met water gewassen wordt.
    • Gemakkelijk vluchtige vloeistoffen zoals verdunner of reiniglngsbenzine kunnen de oppervlakken van de eenheid beschadigen. (Gebruik enkel een zachte, droge doek of een
    vochtige doek, gedrenkt met een neutraal reinigingsmiddel om de buitenkant van de eenheid te reinigen).

    1. Verwijder de afdekking door
    tegelijk aan de uitsparingen aan
    de beide uiteinden van de
    afdekking te trekken (in de
    richting van de pijl).

    Reinig de luchtfilter (ongeveer om de 3 maanden). Als de omgeving
    waarin het eenheid gebruikt wordt erg stoffig is, moet de reiniging
    vaker gebeuren.
    1. Verwijder het luchtfilter. Stel de
    afdekking met een verhoogde
    krachtinspanning en met behulp
    van de beide uitsparingen
    omhoog en trek het luchtfilter er
    naar beneden uit.

    Reiniging
    Afdekking met een zachte
    borstel, water en een neutraal
    reinigingsmiddel reinigen. Water
    afdrogen.
    Opgelet: Warm water kan tot
    verkleuringen en vervormingen
    leiden.

    Sluit de afdekking terug. Let
    erop dat de kabel naar de
    display daarbij niet gekneusd
    wordt.

    2. Reinigen van het luchtfilter
    Gebruik reiniger of water om het
    filter te wassen. Als het filter te
    vuil is (zoals olievlekken), gebruik
    dan warm water (kouder dan
    45°C) vermengd met een
    neutraal reinigingsmiddel en laat
    het filter in de schaduw drogen.
    Aanwijzing:
    Was het filter niet met water dat
    warmer is dan 45°C , om
    verkleuring en vervorming te
    vermijden. Droog hem niet
    boven een vlam, omdat het filter
    vuur zou kunnen vatten of zou
    kunnen vervormen.

    IR

    3. Inzetten van de luchtfilter
    Breng de luchtfilter volgens de
    pijlen op het tekening aan en
    sluit daarna de afdekking
    correct.

    Controles voor het gebruik (begin van het seizoen)

    Controleer of de of de
    luchtultlaat van de binnen- of
    buiteneenheid geblokkeerd is.
    Controleer of de aarding vast zit
    (d.w.z. goed contact heeft).
    Controleer of de batterijen van
    de afstandsbediening gewisseld
    werden.
    Controleer of de haltering van de
    buiteneenheid beschadigd is.
    Als dit het geval is, contacteer
    dan een vakman.

    Reinig het filter en de behuizing
    van de binnen- en
    buiteneenheld.
    Onderbreek de stroomtoevoer
    van de ariconditioning.
    Bevrijd de buiteneenheid van
    stof en andere vuiligheid.
    Als de buiteneenheid roest,
    behandel deze plaatsen dan met
    olieverf om de uitbreiding van de
    roest te verhinderen.

    42

    HEa-a
    %S[/J7'
    — É ^

    «

    *

    S330
    ^

    ^

    "

    ^



  • Page 12

    bBehaOa§h0gj^an|i^Wemeil^lStQWntf
    ALS DE AIRCONDITIONING NIET NORMAAL WERKT:
    Waarschuwing:
    Probeer niet om de eenheid zelf te repareren, want een onvakkundige reparatie kan elektrische schokken of brand veroorzaken Neem contact op met de servicedienst om de,
    eenheid door gekwalificeerd personeel te laten repareren Om u tijd en geld te besparen, moet u de volgende punten controleren voordat u de servicedienst benadert

    Fenomeen

    Verhelpen van probleem/storing

    De airconditioning kan na het
    uitschakelen niet onmiddellijk weer
    ingeschakeld worden

    Als de eenheid meteen na het uitschakelen weer gestart wordt,
    veroorzaakt de processor op de platme een vertraging van 3 minuten voor
    het apparaat start

    Vlak na het inschakelen komen er
    geuren uit de eenheid

    Dit wordt door de aangezogen geuren veroorzaakt Als de eenheid met
    de klimaatregeling begint, verdwijnt de geur

    Er is een geluid van stromend water
    te horen als het apparaat in gebruik

    Dit is het geluld van het vloeiend koelmiddel in het apparaat

    is

    Tijdens de koeling komt er nevelige
    lucht uit de luchtultlaat

    Dit gebeurt omdat de lucht binnenin snel gekoeld wordt

    Er zijn knakkende geluiden te horen
    als de eenheid in- of uitgeschakeld
    wordt

    Dit geluld treedt op wanneer het geluid door de
    temperatuurveranderingen uitzet of krimpt

    De airconditioning start niet

    Is de stekker van het apparaat uitgetrokken'
    Zit de stroomkabel of de stroomstekker los?
    Is de zekering of de verllesstroomschakelaar geactiveerd?
    Is de spanning te laag of te hoog?
    Is via de afstandsbediening de functie timer inschakelen
    geselecteerd?

    Slecht koel- resp
    Verwarmingsvermogen

    Is de temperatuur juist ingesteld?
    Is de luchtinlaat of -uitlaat van de buiteneenheid geblokkeerd?
    Zit er teveel stof in het luchtfilter'7
    Zijn de vensters en deuren gesloten?
    Is de luchtstroom laag ingesteld?
    Bevindt er zich een warmtebron in de kamer?

    De afstandsbediening werkt niet

    Als u tijdens het bedrijf de batterijen van de afstandsbediening
    vervangt, stopt het systeem tot u op de afstandsbediening op de toets
    ACL drukt
    Als de eenheid door ongewone signalen gestoord wordt of als de
    functies te vaak met een korte tussentijd veranderd worden, kan het
    zijn dat de afstandsbediening tijdelijk niet werkt Trek de stekker uit en
    plaats hem vervolgens terug Daarmee kan een normale werking
    voortgezet worden
    Is de afstandsbediening in het ontvangstbereik of staan er
    hindernissen in de weg?
    Controleer of de spanning van de batterijen toereikend is Gelieve deze
    anders te vervangen

    c

    ^—_yi —f3

    F ca i

    j>;

    ALS VOLGENDE OMSTANDIGHEDEN ZICH VOORDOEN, MOET U DE AIRCONTIONING ONMIDDELLIJK
    STROOMSTEKKER UITTREKKEN EN DAARNA EEN VAKMAN CONTACTEREN.
    Tijdens het bedrijf doet zich een sterke geluidsontwikkeling voor
    De zekering en de verllesstroomschakelaar springen altijd uit
    Er is water of een andere vloeistof op of in de eenheid resp de afstandsbediening terechtgekomen
    Er wordt een waterlek vastgesteld
    De stroomkabel en de stroomstekker zijn erg warm
    Tijdens het bedrijf wordt een ongewone geur afgegeven

    43

    UITSCHAKELEN, DE



  • Page 13

    Modelspecificatie en technische gegev

    Model

    SAC9010QC

    SAC12010QC

    Functie

    Warmtepomp

    Warmtepomp

    Koelvermogen (W)

    2500

    3500

    Vermogen van de warmtepomp (W)

    2800

    3800

    -

    -

    Elektrisch verwarmingsvermogen (W)
    Spanning - frequentie
    Nominale stroom van het koelen/verwarmen
    Max. stroomopname
    Nominale stroom van het koelen/verwarmen (W)
    Luchtvolume (m3 / uur)
    Benaming en hoeveelheid koelmiddel (kg)

    230 - 240 AC 50Hz
    3,5/3,6

    5,3/6,0

    4,4

    6,4

    1035/1220

    1485/1590

    460

    550

    R410a 1,2

    R410a 1,35

    Spatwaterbestendlgheid (buiteneenheid)
    Volume (binnen- en buiteneenheid) dB(A)

    IPX4
    56/66

    50/63

    Klimaattype

    T1

    Elektrische beschermklasse
    Gewicht (binnen- en buiteneenheid) (kg)

    Buitenafmetingen (cm)
    (Breedte x Hoogte x Diepte)

    Klasse 1
    16/40

    16/35

    Binneneenheid: 80,5 x 28,0 x 18,0
    Buiteneenheid: 84,8 x 54,0 X 32,0

    44



  • Page 14

    ENERGIE-LABELS

    SAC9010QC

    SAC12010QC

    Klimaatregelingsapparaat

    Klimaatregelingsapparaat

    Energie
    MEMSKM

    Fabrikant
    Model nummer

    Model nummer

    SAC9010QC

    d

    Laag verbruik
    A.

    MLMSKM

    Fabrikant

    SAC12010QC

    Laag verbruik

    Hoog verbruik

    Hoog verbruik

    Jaarlijks energieverbruik, kWh in

    Jaarlijks energieverbruik, kWh in

    405

    koelbedrijf

    (Het reële energieverbruik hangt af van het gebruik van het
    apparaat en van de klimaatomstandigheden)

    2.50

    Koelvermogen
    kW
    Energieëfficiëntiewaarde

    605

    koelbedrijf

    (Het reële energieverbruik hangt af van hel gebruik van het
    apparaat en van de klimaatomstandigheden)

    3.50

    Koelvermogen
    kW
    Energieëfficiëntiewaarde

    3.43

    3.05

    Bij volle belasting (hoe hoger, des te beter)

    BIJ volle belasling (hoe hoger, des te beter)

    Type

    Type

    Enkel koelfunctie
    Koelfunctie + verwarmingsfunctie

    Enkel koelfunctie
    Koelfunctie + verwarmingsfunctie

    Luchtkoeling

    Luchtkoeling

    Waterkoeling

    Waterkoeling

    Verwarmingsvermogen

    kW

    2.80

    Verwarmingsvermogen

    Energieëfficientieklasse van de verwarmingsfunctie
    A' Laag verbruik

    G hoog verbruik

    Geluid

    kW

    3.80

    Energieëfficientieklasse van de verwarmingsfunctie
    A BCD

    A' Laag verbruik

    63

    G hoog verbruik

    Geluid

    (dB(A) re 1 pW)

    (dB(A) re 1 pW)

    De prospectussen bevatten een datablad met verdere
    gegevens over het apparaat

    De prospectussen bevatten een datablad met verdere
    gegevens over het apparaat

    Norni EN 14511 2004
    Klimaatregeringsappa/aat
    Richtlijn energlfr«t)t<ettenng 2002/31/EG

    NonnEN14511 2004
    KE maatre ge !mg s apparaat
    Richtrjn energie-etikettering 2002/31/EG

    45

    CD
    66

    E F G



  • Page 15

    Afdanking en milieubeschermi
    Opgelet: We wijzen erop dat alrconditionlngs koelmiddelen bevatten die schadelijk zijn voor het milieu en die een speciale afvalbehandellng vergenl
    Vergewis u ervan dat de buisleidingen van uw airconditioning voor de afhaling door de afvalophaling niet beschadigd worden.
    VERPAKKINGSMATERIAAL
    Al het verpakkingsmateriaal moet op een milieuvriendelijke manier verwijderd worden.
    Het karton moet naar het oud papier gebracht worden. De verpakkingszak en de schuimkussens zijn HFK-vrij.

    OA

    Gebruikte batterijen alsmede NiCd -accu's, oplaadbare batterijen, knopcellen en startaccu's horen niet In het huisafval. Geef deze batterijen op de voorziene verzamelplaatsen
    af.

    %

    Richtlijnen voor milieubescherming
    Gebruikte elektronische apparaten horen niet thuis in het huisafval!
    Wij vragen u daarom een bijdrage aan de bescherming van ons milieu te leveren en dit apparaat op de voorziene verzamelplaatsen at te geven.

    Garantie
    Voor dit apparaat geldt de wettelijke garantie.
    Reclamaties en klachten direct na vaststelling melden.
    De garantie vervalt bij ingrijpen door de koper of een derde. Schade die is ontstaan door ondeskundige behandeling of bediening, door verkeerde plaatsing of bewaring, door
    ondeskundige aansluiting of installatie en door overmacht en anderzijds externe factoren, valt niet onder de garantie. Wij raden u aan de gebruiksaanwijzing zorgvuldig te lezen
    omdat deze belangrijke richtlijnen bevat.
    De garantie kan door de koper alleen middels voorlegging van het aankoopbewijs worden aangetoond.
    Richtlijnen:
    1. Indien het apparaat niet goed functioneert, controleer dan eerst of andere redenen, zoals een kapotte stroomkabel of onjuist gebruik, hiervan de oorzaak zijn.
    2. Let erop dat u bij het inleveren van een defect apparaat in ieder geval de volgende zaken bijvoegt:
    - het aankoopbewijs
    - apparaatbeschrijving / type / merk
    -

    Beschrijving van het opgetreden defect, met een zo nauwkeurig mogelijke aanduiding van de fout, zodat de reparatie vlot kan verlopen.

    Bij garantieclaim en storingen dient u zich persoonlijk tot de detailhandelaar te wenden.
    GWL 7/02 MS/NL

    SAC9010QC/SAC1201OQC

    DUTCH

    46






Missbrauch melden von Frage und/oder Antwort

Libble nimmt den Missbrauch seiner Dienste sehr ernst. Wir setzen uns dafür ein, derartige Missbrauchsfälle gemäß den Gesetzen Ihres Heimatlandes zu behandeln. Wenn Sie eine Meldung übermitteln, überprüfen wir Ihre Informationen und ergreifen entsprechende Maßnahmen. Wir melden uns nur dann wieder bei Ihnen, wenn wir weitere Einzelheiten wissen müssen oder weitere Informationen für Sie haben.

Art des Missbrauchs:

Zum Beispiel antisemitische Inhalte, rassistische Inhalte oder Material, das zu einer Gewalttat führen könnte.

Beispielsweise eine Kreditkartennummer, persönliche Identifikationsnummer oder unveröffentlichte Privatadresse. Beachten Sie, dass E-Mail-Adressen und der vollständige Name nicht als private Informationen angesehen werden.

Forenregeln

Um zu sinnvolle Fragen zu kommen halten Sie sich bitte an folgende Spielregeln:

Neu registrieren

Registrieren auf E - Mails für Alaska SAC9010QC wenn:


Sie erhalten eine E-Mail, um sich für eine oder beide Optionen anzumelden.


Holen Sie sich Ihr Benutzerhandbuch per E-Mail

Geben Sie Ihre E-Mail-Adresse ein, um das Handbuch zu erhalten von Alaska SAC9010QC in der Sprache / Sprachen: Holländisch als Anhang in Ihrer E-Mail.

Das Handbuch ist 1,7 mb groß.

 

Sie erhalten das Handbuch in Ihrer E-Mail innerhalb von Minuten. Wenn Sie keine E-Mail erhalten haben, haben Sie wahrscheinlich die falsche E-Mail-Adresse eingegeben oder Ihre Mailbox ist zu voll. Darüber hinaus kann es sein, dass Ihr ISP eine maximale Größe für E-Mails empfangen kann.

Das Handbuch wird per E-Mail gesendet. Überprüfen Sie ihre E-Mail.

Wenn Sie innerhalb von 15 Minuten keine E-Mail mit dem Handbuch erhalten haben, kann es sein, dass Sie eine falsche E-Mail-Adresse eingegeben haben oder dass Ihr ISP eine maximale Größe eingestellt hat, um E-Mails zu erhalten, die kleiner als die Größe des Handbuchs sind.

Ihre Frage wurde zu diesem Forum hinzugefügt

Möchten Sie eine E-Mail erhalten, wenn neue Antworten und Fragen veröffentlicht werden? Geben Sie bitte Ihre Email-Adresse ein.



Info